Roi Olijfolie

Het verhaal van olijfolie begint bij de olijfboom en die gedijt het best in een mediterraan kimaat. In de Valle Argentina, in de Italiaanse provincie Ligurie, staan op de steile bergen ruim vijftienduizend Taggiasca olijfbomen aangeplant. Hier wordt door Olio ROI hard gewerkt om de beste olijfolie van Italië te maken.

Traditionele steenpers

ROI is in handen van de familie Boeri - inmiddels alweer de vijfde generatie aan het roer - en ligt in Badalucco, een dorp in de provincie Imperia, niet ver van de kust. De familie produceert al sinds 1900 olijfolie in de Valle Argentina. Het succesverhaal begint in 1890, als Giuseppe Boeri voor het eerst een gemeenschappelijke olijfoliemolen huurt in de heuvels van Ligurië om de lokale Taggiasca-oliven te verwerken met behulp van de traditionele steenpers. Jaren van keihard werken later kan hij eindelik de molen kopen. Zijn zoon Battista neemt zijn werkzaamheden over, daarna zijn kleinzoon Pippo. vervolgens achterkleinzoon Franco en nu zet Paolo de traditie voort. Nog steeds wordt dezelfde steenpers gebruikt.

Een zee van zilver

De Taggiasca olijf is de koningin van Ligurië. Ze is klein, zoet en sappig en groeit op de steile terrassen op de bergen op 60 tot 500 meter boven zeeniveau. De olijven profteren hier optimaal van de zeewind en worden beschermd door de bossen. De zee en de kruiden die hier van nature groeien, hebben een grote invloed op de kwalteit en smaak van de olijven. Een Taggiascaboom kan wel tot vijftien meter hoog worden en tot zeshonderd jaar oud! De valei waar de olijfbomen staan aangeplant, de Vale Argentino, wordt niet voor niets de 'Zilveren Vallei' genoemd. De blaadjes van de olijfbomen hebben een zilveren gloed, en wanneer ze rij aan rij staan zie je een zee van zilver.